Waarom ik ben wie ik ben en ik doe wat ik doe.
- 3 sep 2025
- 3 minuten om te lezen

Een post die bleef hangen
Vorige week schreef ik een post op social media die harder binnenkwam dan een espresso op een nuchtere maag (en dat terwijl ik geen koffiedrinker ben). Geen vrolijk verhaal, maar een waarheid die veel te vaak in stilte blijft hangen: grensoverschrijdend gedrag en misbruik.
Niet een nu-probleem. Een altijd-al-probleem.
Ik deelde mijn verhaal niet om te choqueren of medelijden te vragen. Ik deelde het omdat ik geloof dat er alleen iets verandert als we durven spreken. En naar aanleiding van de recente vreselijke gebeurtenissen, vond ik dit het ideale moment om even alle registers open te trekken.
“Ben je er klaar voor?”
Mijn lief vroeg me voorzichtig: “Ben je er wel klaar voor om jouw verhaal te delen?”
Niet oordelend, gewoon zorgzaam.
En ik dacht: klaar? Ik ben 43, ik heb drie kinderen, een huis, ADHD, Tourette én een perzikkenboom die ik pas na vijf jaar ontdekte. Als ik dát allemaal kan, dan kan ik dit ook.
Dus ja. Ik ben er klaar voor. Het is tijd om te roepen, te gillen, te fluisteren of te brullen dat dit niet normaal is. En misschien is die “iemand” gewoon ik.
Geen sprookjesjeugd
Laat ik eerlijk zijn: mijn jeugd was geen sprookje.
Ik was zes toen mijn stiefvader zich voor het eerst aan mij vergreep. Acht toen een vreemde man me betastte in het zwembad. Twaalf toen een “vriend” me dwong hem te plezieren. En zo gaat het lijstje nog veel te lang door.
Niet gezellig. Niet eerlijk. En al helemaal niet mijn schuld - ook al heb ik me jarenlang wél schuldig gevoeld. Want dat is wat slachtoffers doen: zichzelf de schuld geven. (Spoiler: het is nooit hun schuld.)
Een handleiding? Had handig geweest.
Als tehuiskind kreeg ik automatisch het label “probleemgeval”. Dat maakte me een makkelijke prooi voor zieke geesten. Want wie gelooft een kind met zo’n stempel?
Dus ging ik zelf op zoek naar liefde en kwam ik vaak terecht bij loze beloftes en bodemloze putten.
Toch kroop ik eruit. Niet dankzij een handleiding of GPS, maar dankzij koppigheid die een ezel jaloers maakt en een overlevingsinstinct dat mijn superkracht is geworden.
Het taboe en die eeuwige schuldvraag
Wat me nog steeds kwaad maakt? Dat slachtoffers vaak meer beoordeeld worden dan de daders. “Wat had ze aan? Heeft ze wel duidelijk nee gezegd?”
Alsof een kind 'erachter vraagt' om dit mee te maken! Alsof een rokje of een blik plots een uitnodiging is. Ondertussen zijn de straffen voor daders vaak milder dan de stress die ik krijg van een vergeten parkeerboete.
En zelfs nu, jaren na de feiten.. Krijg ik veroordelende blikken als ik mijn verhaal vertel. Hebben velen een andere, verkeerde indruk van me of denken ze me te kunnen labelen op basis van mijn ervaringen.
Niet alle mannen, maar wel alle vrouwen
En nee, dit gaat niet over alle mannen. Maar het gaat wél over alle vrouwen. Want elke vrouw die ik ken, is ooit geconfronteerd met grensoverschrijdend gedrag. Elke. Enkele. Vrouw.
Dus mannen: dit is jullie signaal. Wees niet alleen degene die het juiste doet, maar wees ook degene die mee opkomt.
Niet reageren of negeren is even erg als meedoen. Ook jullie dragen verantwoordelijkheid.
Mijn missie (en die van ons allemaal)
Ik had het geluk - of noem het koppigheid - dat ik overeind bleef. Dat mijn overlevingsinstinct me sterker maakte. Maar niet iedereen heeft dat.
Sommigen zijn hees van te lang roepen. Anderen hebben geleerd te zwijgen omdat er toch niet geluisterd werd. En velen dragen littekens die je niet ziet, maar die elke dag voelbaar zijn.
Daarom is dit mijn missie:
Ik wil een stem zijn voor wie (nog) niet kan of durft spreken.
Ik wil tonen dat schaamte niet van jou is, maar van de dader.
Ik wil zeggen: “Je staat er niet alleen voor. Ik ben er. Wij zijn er.”
En dit kan ik niet alleen. Dat hoeft ook niet. Hoe meer stemmen we samenbrengen, hoe harder we gehoord worden. Hoe meer mensen rechtstaan, hoe minder slachtoffers in stilte hoeven te vallen.
Dus ja, ik spreek voor mezelf, maar ook voor jou. Voor je dochter, je zus, je vriend, je collega. Voor iedereen die ooit dacht: “Ik kan dit niet vertellen.”
Ik ben er. Voor jou. Voor ons.
En ik hoop dat jij er ook bent - door te luisteren, door te steunen of door zelf je stem te laten horen. Want samen kunnen we het verschil maken.
Met tics en Talks - dank je om mee te lezen



Opmerkingen